Gavelia·
← Writing/Analyse · No. 02
17 April 2026 · 8 min

De print-
golf.

Prints zijn op dit moment het enige marktsegment dat in onze data een statistisch significant stijgend signaal laat zien — zestig procent hoger dan een jaar geleden. Hier is wat dat cijfer precies zegt, en wat niet.

We hebben vorige week voor het eerst onze volledige dataset van veilingresultaten doorgerekend op een simpele vraag: welk deel van de kunstmarkt wordt op dit moment duurder, en hoe zeker zijn we van het antwoord? Van zes medium-categorieën en vier prijsklassen kwam er precies één segment door onze statistische drempel. Prints. De gemiddelde verkoopprijs van een print in de afgelopen vier kwartalen was ruim anderhalf keer hoger dan in de vier kwartalen daarvoor — een stijging van ongeveer zestig procent, met een betrouwbaarheid van 95 op 100.

Voor we de printrenaissance uitroepen: de middelste prijs — de mediaan — vertelt een rustiger verhaal. De middelste print verkocht in het eerste kwartaal van 2026 voor €16.767. In het derde kwartaal van 2025 was dat €15.009. Dat is twaalf procent in twee kwartalen, ongeveer drie procent op jaarbasis. Het gemiddelde bewoog sneller dan de mediaan omdat er meer dure verkopen binnenkwamen — meer prints van €80.000 in onze data, niet dat de doorsnee-print plotseling het dubbele kost. Dat onderscheid is belangrijk als u een Karel Appel silkscreen in uw woning heeft hangen en zich afvraagt of u moet verkopen of doorzetten.

Het volumeverhaal is bovendien luider dan het prijsverhaal. In het derde kwartaal van 2024 registreerden onze scrapers tien printverkopen. In het eerste kwartaal van 2026 zijn dat er 779. Dat is geen markt die vier keer zo groot wordt — dat zijn onze scrapers die beter worden in het doorzoeken van Barnebys, Catawiki en Stockholms Auktionsverk. De eerlijke lezing is dat we nu pas een werkelijk venster hebben op de Europese printmarkt, en wat we erdoor zien is dat de top van de markt harder stijgt dan het midden. Iedereen die 'prints plus 61%' schrijft zonder het over scrape-vertekening te hebben, laat informatie achter. Wij zetten het erbij, omdat het alternatief is dat u ons maar op ons woord moet geloven.

Wie beweegt er in deze markt? De tien meest-verhandelde namen in onze print-dataset splitsen zich netjes in twee kampen. Het ene kamp is klassiek en stil — Corneille met 426 lots, Karel Appel met 342, Kees van Dongen met 214, Constant met 198, Escher met 197, Picasso met 181, Herman Brood met 164, Bram van Velde met 149, Anton Heyboer met 138. Het andere kamp is één naam met dertig jaar ervaring in de aandachtsmarkt — Shepard Fairey met 133. Een CoBrA-lithografie en een Obey Giant-silkscreen zijn niet hetzelfde object, maar ze komen in dezelfde veilingdatabase terecht omdat dezelfde secundaire-marktlogica van toepassing is: een genummerde editie, gesigneerd, traceerbaar, schaars.

Die overlap is het deel dat aandacht verdient. Prints zijn het medium dat twee koperspopulaties met elkaar verbindt die elkaar zelden ontmoeten — de gevestigde verzamelaar die een schilderij heeft verloren in een biedstrijd en zich troost met de beste editie van dezelfde kunstenaar, en de nieuwere toetreder die een Banksy-print als eerste grote aankoop heeft en daarna doorstroomt naar unieke werken. Prints zitten ertussenin, en beide groepen groeien. Het topsegment (boven de €10.000) laat de Fairey/KAWS/Banksy-beweging zien. Het middensegment (tussen €1.000 en €10.000) laat CoBrA-edities zien die toegankelijk genoeg zijn geprijsd om nieuwe toetreders binnen te halen.

Een praktische aantekening voor wie prints in bezit heeft. Onze kruistabel van medium en prijsklasse markeert print × €1.000-€10.000 als een eigen stijgend signaal — een factor 1,43 hoger dan een jaar geleden, met middelmatige betrouwbaarheid. Als de print die u bezit in die band valt, suggereert de data dat de schatting die uw dealer vorig jaar gaf waarschijnlijk te voorzichtig is geworden. We zouden niet alleen op die cijfers verkopen. We zouden vragen om een verse taxatie en erop aandringen dat de taxateur met specifieke vergelijkingen uit de afgelopen twaalf maanden komt.

De volledige cijfers van ons kwartaaloverzicht staan op /markt — te lezen als data-verantwoording, niet als verkoopbrochure. De andere segmenten — schilderijen, tekeningen, sculptuur, fotografie en gemengde media — hangen op dit moment allemaal op 'stabiel' of 'onbekend' richtingssignaal, wat niet betekent dat ze niet bewegen maar wel dat we er nog niet genoeg data van hebben om het met zekerheid te zeggen. Als de volgende twee kwartalen binnenkomen verwachten we dat tekening en schilderij ook door de drempel gaan. Als ze stijgen, publiceren we dat. Als ze dalen ook.

**Technische noot voor wie wil weten hoe we dit hebben berekend.** De trendscore voor een segment is een gewogen combinatie van geometrische gemiddelde-prijsverhouding (vier meest recente kwartalen ten opzichte van de vier ervoor) gedempt voor volume-bias (alleen neerwaartse correctie, om valse stijgingen te voorkomen). Onze vertrouwensindicator is gebaseerd op minimum-sample-size per kwartaal en scrape-consistentie over de tijd. Voor de 90%-betrouwbaarheidsband op individuele taxaties gebruiken we split-conformal-calibratie — een techniek uit de ML-literatuur die garandeert dat de gerapporteerde range werkelijk 90% van de taxaties vangt, in tegenstelling tot een raw-XGBoost-quantile-output die structureel te smal is. De ruwe veilingdata komt van Barnebys (gratis via de Algolia pricebank), Catawiki (Apify), Sotheby's en Stockholms Auktionsverk, met maandelijkse gedeeltelijke updates. Alle data wordt gepubliceerd in ons dashboard op /markt met publicatiedata erbij.

Gavelia Editorial · Amsterdam